UITSLAGEN UCI WEDSTRIJDEN.KLASSIEKERS 2009

 

 

2009.03.21.MILAAN-SANREMO

FORMIDABEL

Was dat even een grap. „Ik denk niet dat ik dit jaar al kan winnen", stelde Mark Cavendish aan de vooravond van zijn debuut in Milaan-Sanremo. Toch was het de 23-jarige Brit die na afloop van de 100ste Primavera als eerste over de streep snelde. Na een werkelijk fabelachtige sprint passeerde hij op de streep Heinrich Haussler.

Alessandro Petacchi, Filippo Pozzato, Tom Boonen en Daniele Bennati. Dat waren op voorhand de meest genoemde kanshebbers op succes in de jubilerende Classicissima. En Cavendish? Die zou de Cipressa en de Poggio vast niet overle­ven, of anders zijn tanden wel stukbijten op de lengte van bijna 300 kilometer. Zo dachten de meeste volgers erover, maar ook de andere sprinters in het peloton. En eigenlijk Cavendish zelf ook, getuige zijn uitspraken vooraf. Of was het gewoon tactiek, om de concurrentie in slaap te sussen. Want de Brit zei ook nog dit: „Natuurlijk is het niet onmogelijk voor me om dit jaar al te winnen. Maar het is wel onrealistisch om te zeggen dat ik als de grootste kanshebber aan de start verschijn,"

Na afloop liet hij blijken dat het hem toch een beetje getergd had dat er klakkeloos vanuit werd gegaan dat Milaan-Sanremo nog wat te hoog gegrepen zou zijn voor hem. “Als je sprints wint, bewijs je dat een goede sprinter bent. Maar wanneer je een grote eendagskoers wint, bewijs je dat je een geweldige coureur bent. En dat laatste is wat ik vandaag wilde tonen."

Met name Tom Boonen had zich in de aanloop naar de Italiaanse topkoers niet populair gemaakt bij Cavendish. Sma­lend stelde Boonen dat zijn Britse rivaal telkens gelost wordt wanneer de weg omhoog loopt. “Dat ik hier als eerste over de streep kwam, was natuurlijk geweldig. Maar niet veel minder mooi vond ik het dat ik op de klimmetjes steeds voor Boo­nen zat", merkte Cavendish fijntjes op.

Formidabel

De manier waarop Cavendish in de stra­ten van Sanremo als tweede Brit in de historie naar de overwinning raasde, Tom Simpson ging hem in 1964 voor, was van grote klasse. De voorste groep, met daarin alle favorieten voor de zege, ar­riveerde in de laatste rechte lijn, waarna Heinrich Haussler op weg leek naar een verrassing. De Duitser van Cervelo had eigenlijk de intentie de sprint voor te be­reiden voor ploeggenoot Thor Hushovd, maar trok zo geweldig door dat de Noor een gaatje moest laten en Haussler voluit voor de zege ging. Over en sluiten, zo leek het. Totdat Cavendish alle registers opentrok, de andere snelle mannen sim­pelweg uit het wiel reed en letterlijk op de streep Haussler nog in de kraag vatte. Een zelden vertoonde en formidabele sprint van de Brit, die bij de concurrentie als een dreun moet zijn aangekomen. Want wie gaat deze Cavendish de komende maanden van de zege houden in Gent-­Wevelgem en de vlakke ritten in Giro en Tour? Voorwie er nog aan twijfelde, Mark Cavendish is op zijn 23ste en als derde­jaars beroepsrenner de snelste renner ter wereld. Zijn erelijst is er nu al eentje om trots op te zijn. De belangrijkste suc­cessen die daarop prijken: vier ritten in de Tour de France, twee in de Giro, twee keer de Scheldeprijs, talloze etappes in diverse Ronden, Milaan-Sanremo dus en twee wereldtitels op de baan.

Afgelopen winter zat de ploegleiding van Columbia met de vraag hoe ze iemand die zo eenvoudig en veel wint scherp kan houden. Het antwoord lag in het programma. Cavendish zou zich in 2009 ook melden in enkele koersen die hij nog niet eerder reed, om te zien tot waar zijn mogelijkheden daar zouden reiken. Milaan-Sanremo was zo'n koers, straks komt de Manx Express ook aan de start van Parijs-Roubaix. En tussendoor heeft hij dan ook nog meegedaan aan de WK op de baan in het Poolse Pruszkow, aan de ploegkoers. Natuurlijk met het doel om er zelf te scoren, hij was immers al twee keer wereldkampioen op het onderdeel, maar ook in functie van Gent-Wevelgem. „Het draait allemaal om beensnelheid", verklaarde ploegleider Rolf Aldag de beslissing van Columbia om Cavendish toestemming te geven voor het baan-WK. „En Cavendish is de snelste wegsprinter, vanwege die beensnelheid. Op de baan heeft hij alle kansen daar nog verder aan te werken. Bovendien heeft hij al vaker getoond zich heel snel te kunnen aanpas­sen van baan naar weg."

Cavendish vierde zijn feestje in Sanremo op de eerste dag van de lente samen met een grootheid uit de rijke historie van de koers: Erik Zabel. De Duitserwas zelf vier keer winnaar van de Primavera en is nadat hij enkele maanden geleden stopte als coureur toegetreden tot de begeleidings­staf van Columbia. Zabel adviseert de sprinters van het Amerikaanse team en was met zijn ervaring in Milaan-Sanremo een uitstekende gids voor Cavendish.

Het duo bekeek samen oude beelden, verkende de finale en Cavendish knoopte zich de lessen van de oude meester goed in de oren. “Zonder zijn hulp had ik hier niet gewonnen", stelde hij gedecideerd. ,,We hebben de verkenning twee keer gedaan, ik wist exact waar ik moest zit­ten, hoe hard ik aan moest gaan en waar. Zabel gaf me die kennis en dat is wat me er vandaag doorheen heeft gesteept." Zabel was een succesfactor, een andere pilaar onder zijn zege was het werk van de ploeg. “Ze bleven de hele dag bij mij in de buurt en in de slotkilometers leidde George Hincapie me naar voren."

Lange aanloop

De 100ste Milaan-Sanremo was er eentje uit het boekje. Dat wil zeggen een lange aanloop, een vroege vluchtgroep die lang voorop mocht rijden, fraaie beelden langs de Italiaanse kust, een nerveuze aanloop naar de Cipressa en de Poggio, vervol­gens de razende afdaling naar Sanremo, culminerend in een schitterende sprint. Al moet gezegd dat het spektakel op de flanken van de Poggio dit jaar wat minder was dan te doen gebruikelijk. Waar in het verleden dikwijls vanaf de voet van de klim werd aangevallen, duurde het nu lang voor de eerste vermetele de sprong waagde. Davide Rebellin opende de de­batten, oud-winnaar en favoriet Filippo Pozzato nam de aanval over en dook als eerste en met een klein gaatje de afda­ling in. Op de Cipressa bteef het ook al kalm, vooral dankzij het hoge tempo dat Tirreno-winnaar Michele Scarponi de groep oplegde. Zijn werk was er voor veel renners teveel aan, zo moest Lance Arm­strong op de Cipressa de rest laten gaan De Amerikaan maakte in de jubilerend Classicissima zijn rentree op Europes bodem.

De Nederlandse belangen voorin werde verdedigd door Sebastian Langeveld en Karsten Kroon. Vooral Saxo Bank-renne Kroon maakte een prima indruk door als een van de eersten mee te rijden op de Poggio, maar de Drent zag zijn aanvals plannen doorkruist worden door Rebellin.Maar de ex-winnaar van een etappe in de Tour de France kwam als 14de wel al eerste Nederlander over de streep en putte uit zijn goede optreden hoop voor de klassieke aprilmaand.

Maarten Tjallingii liet zich onderweg ook opmerken, hij was lid van de kopgroep van 11 man die lang het beeld van de wedstrijd bepaalde. Hij reed voorin mee ondanks maagklachten. “Ik voelde me direct na de koers ook behoorlijk uit gewrongen. Tijdens de wedstrijd heb ik maar twee repen en twee gelletjes naar binnen kunnen krijgen. Dat is veel en veel te weinig. Op een bijna lege tank kun je echt geen 298 kilometer rijden. Ik had dan ook de benen niet. Bij een eerst klimmetje moest ik er al af, ik kwam nog wel terug, maar het was heel zwaar. Een en hetzelfde tempo ging nog wel maar versnellingen kon ik niet aan. 0p 60 kilometer werden we teruggepakt. Ik moest er direct vanaf en in de buurt van de Cipressa werd ik ingehaald door de bezemwagen", verklaarde hij naderhand op de website van Rabobank.

Bij Rabobank werd Oscar Freire node gemist, de Spanjaard die in 2004 en 2007 won in Sanremo maar door zijn ribbreuken in de Ronde van California noodgedwongen, thuis moest blijven. Net als de winnaar van 2008 trouwens, Fabian Cancellara was niet fit en bleef dus ook thuis. Maar met sprintsensatie Mark Cavendish kreeg de jubilerende koers wel een prachtig winnaar op het palmares.

1. Mark Cavendish (Gbr-Col) 298 km in 6.42.45 (44,420 km/u; 2. Heinrich Haussler (Dui-Ctt); 3. Thor Hush­ovd (Nor-Ctt) 0.02; 4. Allan Davis (Aus-Qst); 5. Alessandro Petacchi (Ita-Lprl) 6. Daniele Bennati (Ita-Lig); 7. Aitor Galdos (Spa-Eus); 8. Enrico Rossi (Ita-Fla); 9. Luca Paolini (Ita-Asa); 10. Peter Velits (Stw-Mrm); 11. Lloyd Mondory (Fra-Alm);12. Martin Elmiger (Zvvi-Alm); 13. Greg van Avermaet (Bel-Sill; 14. Karsten Kroon (Ned-Sax); 15. Tom Boonen (Bel-Qst); 16. Assan Bazayev (Kaz-Ast); 17. Francesco Gavazzi (Ita-Lam); 18. Christian Knees (Dui-Mrm);19. Julian Dean (NZI-Gar); 20. Manuele Mori (Ita-Lam); 21. Sebastian Langeveld (Ned-Rab); 22. Filippo Pozzato (Ita-Kat); 23. Philippe Gilbert (Bel-Sil); 24. Fabian Wegmann (Dui-Mrm); 25. Egoi Martinez (Spa-Eus); 26. Carlo Scognamiglio, (Ita-Bart; 27. Anthony Geslin (Fra-Fdj); 28. Benoit Vaugrenard (Fra-Fdjl; 29. Juan Antonio Ftecha (Spa-Rab); 30. Giovanni Visconti (Ita-Isd); 83. Niki Terpstra (Ned-Mrm) 8.19; 120. Joost Posthuma (Ned-Rab); 136. Thomas Dekker (Ned-Sil); 139. Tom Leezer (Ned Rab);

 

2009.04.05.RONDE VAN VLAANDEREN

Op magistrale wijze reed Stijn Devolder voor het tweede jaar op rij naar de zage in Vlaanderens Mooiste. De renner van QuickStep reed 15 kilometer van Meer­beke weg uit een kopgroep met onder meer zijn ploogmaat Sylvain Chavanel en de Italiaan Manuel Quinziato (Liqui­gas).Tom Boonen en Filippo Pozzato (Katusha) waren de sterkste mannen in koers en het duo verloor elkaar op de beklimmingen geen moment uit het oog. Maar omdat ze zo aan elkaar vastge­kleefd zaten, raakten ze ook nimmer in de spits van de koers. QuickStep had als sterkste ploeg steevast een mannetje in de kopgroep, waardoor er van een echte achtervolging nooit sprake was. Devol­der profiteerde optimaal van dit ploe­genspel, waarin met name Tom Boonen met zijn goede benen gevangen zat. Op de Muur van Geraardsbergen had niemand van zijn medevluchters ant­woord op de demarrage van Volderke, die vervolgens solo naar de finish reed. Ruim achter de Belg werd Heinrich Haussler (Cervelo) licht afgescheiden Van de rest 2e, terwijl Philippe Gilbert namens Silence-Lotto de 3e plaats opeis­te ten koste van onze landgenoot Martijn Maaskant lGarmin), die op de 4e plaats de beste Nederlander was.

1. Stijn Devolder (Bel-Gist), 260,7 km in 6.01.04 (43,455 km/u); 2. Haussler (Dui-Ctt), 0.59; 3. Gilbert (Bel-Sil); 4. Maaskant (Ned-Grm); 5. Pozzato (Ita-Kat); 6. Breschel (Den-Sax); 7. Burghardt (Dui-Thr); 8. Leukkemans (Bel-Vac); 9. Elmiger (Zwi-Alm); 10. De Waele (Bel-Len); 11. Pichot (Fra-Bbo); 12. Hooger­land (Nod-Vac); 13. Hammond (GBr-Ctt); 14 Kroon (Ned-Sax): 15. Nuyens (Bel-Rab); 16. Sentjens (Bel­-Sil); 17. Van Impe (Bel-Gist); 18. Willems (Bel-Liq); 19,Scheirlinckx (Bel-Len); 20. Boonen (Bel-Gist); 21. Lowik (Ned-Vac); 22. Scheirlinckx (Bel-SIP; 23. Ivanov (Rus-Kat): 24. Kher (Dui-Ctt); 25. Van Hecke (Bel-Tsv); 26. Bazayev (Kaz-Ast): 27. Hoste (Bel­-Sil): 28. Longo Borghni (Ita-Bar); 29. Guesdon (Fra­-Fdj); 30. Flecha (Spa-Rab); 31. Chavanel (Fra-Gist), l.08: 32. Quinziato (Ita-Liq), 1.11: 33. Langeveld (Ned-Rab), 1.14; 34. Hincapie (USA-Thr), 1.44: 35. Van Avermaet (Bel-Sil), 3.02: 36. Fischer (Bra-Liq), 3.17; 38. Kuschynski (Wit-Liq); 39. Tankink (Ned­-Rab); 40. Tossato (Its-Gist), 4.37; 41. Bandiera (Ita­-Lam); 42. Spilak (Slo-Lam); 44. Rast (Zwi-Ast), 4.57: 45. Rasch (Nor-CIA), 5.38: 45. Lloyd (GBr-Ctt): 46. Goddaert (Bel-Tsv), 6.45; 47. Haddou (Fra-Bbo); 48. Chainel (Fra-Bbo); 49. Sieberg (Dui-Thr); 50. Offredo (Fra-Fdj) -

 

2009.04.08.GENT-WEVELGEM

In een door de regen bar & boze editie van Gent-Wevelgem bewees Edvald Boasson Hagen hat gelijk van de ken­ners. Het supertalent van Columbia-High Road versloeg zijn vluchtmakker Alek­sandr Kuschynski(Liquigas)in de sprint en trad daarmee in de voetsporen van zijn Iandgenoot Thor Hushovd. Topfavo­riet Mark Cavendish kwam in het stuk niet voor omdat hij in het begin van de loodzware wedstrijd lek reed. Hij miste daardoor de aansluiting met de eerste waaier, die al vroeg in de wedstrijd bij de rest wegreed. Heinrich Haussler (Car­vote), Graeme Brown (Rabobank) en Tom Boonen (QuickStep) waren wel van de partij in die eerste groep, maar werden uitgeschakeld door valpartijen en lekke banden. Op de laatste beklimming van de Kemmelberg trokken Boasson Hagen en Kuschynski in de aanval. De reactie van de Aussies Matthew Goss (Saxe Bank) en Mathew Hayman (Rabobank) samen met de Duitse veteraan Andreas Klier (Cervelo) kwam te laat, waardoor het tweetal voorop bleef. De jonge Noor zorgde er in Wevelgem vervolgens voor dat zijn ploeg er ondanks de pech van Cavendish alsnog met de buit vandoor ging. Goss won op 53 seconden de spurt om de 3e plaats.

1. Edvald Boasson Hagen (Nor-Thr),203 km in 5 00.15 (40.6 km/u); 2. Kuschynski (Wit-Liq); 3. Goss (Aus-Sax), 0.53; 4. Hayman (Aus-Rab): 5. Kher (Dui-Ctt), 0.57: 6. Koldo Fernandez (Spa-Eus), 1.49; 7. Burghardt (Dul-Thr). 2.14; 8 Leezer (Ned-Rab); 9. Quinziato (Ita-Liq); 10. Hunt (GBr-Ctt); 11. Sutton (Aus-Grm): 12. Lemoine (Fra-Sks); 13. Hutarovich (Wit-Fdj): 14 McEwen (Aus-Kat); 15. Breschel (Den-Sax); 16. Hincapie (USA-Thr); 17. Fischer (Bra-Liq); 18. Bazayev (Kaz-Ast); 19. Rollin (Can-Ctt); 20 Lodewyck (Bel-Tsv); 21. Tankink (Ned-Rab); 22. Perez (Cal-Gce), 23. Wiggens (GBr-Grm); 24. Knaven (Nod-Mr* 2.30: 25. Napolitano (Its-Kat), 2.34; 26. Ehjzen (Nod-Sip, 8.01; 27. Lancaster (Aus-Ctt); 28. Lloyd (GBr-Ctt), 10.20; 29. Rash (Noo-Ctt); 30. Van Hummel (Nod-Sks): 31. Clerc (Zwi-Alm), 11.34, 32. Blot (Fra-Cof). 11.35; 33. Weylandt (Bel-Qst); 34. Weissinger (Dui-Vbg); 35. Traksel (Ned-Vac); 36. Hinault (Fra-Alm); 37. Schar (Zwi-Ast); 38. Bozic (Slo-Vac): 39. Mondory (Fra-Alm); 40. Mol (Ned-­Vac); 41. Veelers (Ned-Sks); 42.Duclos-Lassalle (Fra-Cof); 43. Steurs (Bel-TVs); 44. Mass (Bel-Tsv); 45. Renshaw (Aus-Thr); 46. Dion (Fra-Alm); 47. Sieberg (Dui-Thr); 48. Drujon (Fra-Gce); 49. Sentjens (Bel-Sil) 50.Forster (Dui-Mrm)

 

2009.04.12.PARIJS-ROUBAIX.

Het in Vlaanderens Mooiste zo vurig gewenste duel tussen Tom Boonen (QuickStep) en Filippo Pozzato (Katu­sha) kwam er in Par[js-Roubaix alsnog. Na de klassieke afvalrace over de loodzware kasseien bleef er een elite­groepje van 6 renners over. Martijn Maaskant en Stijn Devolder vertolkten door pech en valpartijen helaas een bijrol. De beslissing in het meeslepende gevecht tussen Boonen, Pozzato, de Lotto's Hoste en Vansummeren, de Viking Hushovd (Cervelo) en de torea­dor Flecha (Rabobank) viel weer eens in de buurt van het Carrefour de I'Arbre. Eerst gleed Flecha in een bocht voor die lastige kasseistrook onderuit, daarbij gingen ook Hosts en Vansummeren tegen de vlakte. Pozzato liep enige vertraging op bij die schuifpartij en toen

later ook Hushovd tegen de grond ging na een verkeerd genomen bocht, reed Boonen ineens alleen op kop. De Belg besliste het man-tegen-man gev­echt met Pozzato vervolgens in zijn voordeel. De tweevoudige winnaar kwam solo aan op de wielerbaan en bezorgde zo Quickstep opnieuw de dubbel Vlaanderen-Roubaix. En het was dus de derde keer dat Boonen na afloop de kei in ontvangst mocht nomen.

1. Tom Boonen (Bel-Qst) 259 km in 6.15.53 (42,343 km/u); 2. Pozzato (Ita-Kat), 0,47; 3. Hushovd (Noo-Ctt), 1.17; 4. Hoste (Bel-Sil); 5. Van Summeren (Bel-Sil), 1.22; 6. Flecha (Spa-Rab), 2.14; 7. Haussler (Dui-Ctt), 3.13; 8. Chavanel (Fra-Gist), 3.15; 9. Quinziato (Its-Liq); 5.00; 10. Breschel (Den-Sax), 5.29: 11. Weylandt (Bel-Qst); 12. Kher (Dui-Ctt); 13. Guesdon (Fra-Fdj);14. Van Impe (Bel-Gist), 6.15;15. Hammond (GBr-Ctt);16. Arvesen (Noo-Sax); 17. Terpstra (Ned-Mrm); 18. Scheirlinckx (Bel-Len), 6.19; 19. Hunt (GBr-Ctt), 6.32; 20 Sieberg (Dui-Ctt); 21. Hayman (Aus-Rab); 22. Hutarovich (Wit-Fdj); 23. Furlan (Its-Lam); 24. Gaudin (Fra-Bbo); 25. Wiggins (Gbr-Grm); 26. Haddou (Fra­-Bbo); 27. Wynants (Bel-Qst): 28. Scheirlinckx (Bel-Sil); 29. Minard (Fra-Cot); 30. Ljunggvist (Zwe-Sax); 31. Jalabert (Fra-Agr): 32. Goss (Aus-Sax); 33. Resa (Zwi­-Ast); 34. Meirhaeghe (Bel-Len); 35.Brard (Fra-Cof); 36. Knaven (Ned-Mrm); 37. Trussov (Rus-Kat); 38. Van Avermaet (Bel-Sil): 39. Posthuma (Ned-Rab); 40. Erviti (Spa-Gee); 41, Leukemans (Bel-Vac); 42. Vanspeybrouck (Bel-TVs); 43. Martias (Fra-Bbo); 44. Hincapie (USA-Thr); 45. Bak (Den-Sax); 46. Rasch (Noo-Ctt); 47. Eisel (Oos-Thr), 6.43; 48. Klostergaard (Den-Sax), 6.45; 49. Cancellara (Zwi-Sax), 6.48; 50. Popovych (Oak-Ast), 9.09

 

2009.04.19.AMSTEL GOLD RACE.

Na vier keer een top 10 notering in de wacht te hebben gesleept, lukte het Sergue Ivanov dit jaar dan eindelijk om de Amstel Gold Race te winnen. De Rus, die in dienst van Katusha rijdt, was daarbij helaas wel onze landgenoten Karsten Kroon (Saxo Bank) an Robert Gesink (Rabobank) te snel af. De koers bleef lange tijd gesloten, maar leverde in de slotfase wel het nodige spektakel op. De beslissing viel dit keer niet op de Eyserbosweg, maar pas na de beklim­ming van de Keutenberg. Daar ging Robert Gesink er op een stuk vals plat heel slim vandoor, toen de snelheid vooraan iets terugviel Kroon en Ivanov zagen het gevaar en sloten na een vinnige achtervolging al snel aan bij de jonge Nederlander. Opvallend was dat mannen als Valverde en Rebellin een slechte dag hadden. Ondanks het werk van Thomas Dekker en Jelle Vanendert (Silence-Lotto) die de gashendel voor Gilbert nog eens flink opendraaiden, bleef het trio uit de greep van de groep. Omdat Gesink net voor het begin van de Cauberg zijn medevluchters moest Iaten gaan, streden Ivanov en Kroon om de zege. De slimme Rus stampte gewoon op kop naar de streep en Kroon moest capituleren. De sprint van het uitge­dunde peloton werd gewonnen door Philippe Gilbert voor Damiano Cunego.

1. Serguei Ivanov (Rus-Kat), 251,8 km in 6.38.31 (38,814 km/u); 2. Kroon (Ned-Sax); 3. Gesink (Ned-Rab), 0.08; 4. Gilbert (Bel-Sil); 5. Cunego (Ita-Lam); 6 Kolobnev (Rus-Sax) 7. Gerrans (Aus-Ctt); 8. Nuyens (Bel­-Rab); 9. Pfannberger( Oos-Kat); 10. A. Schleck (Lux­Sax); 11. Knees (Dui-Mrm); 12. Vaugrenard (Fra­Fdj); 13. Pineau (Fra-Qst); 14. Sanchez (Spa-Eus); 15. Albasini (Zwi-Thr), 16. N. Sorensen (Den-Sax): 17. Scarponi (Ita-Sda); 18. Kreuziger (Tsj-Liq); 19. Nibali (Ita-Liq); 20. Larsson (Zwe-Sax); 21. Valverde (Spa-Gce); 22. Carrara (Ita-Vac), 0.26; 23. Nocen­tini (Ita-Aim); 24. Chavanel (Fra-Qst); 25. Monfort (Bel-Thr), 0.36; 26. Vehts (Dui-Mrm); 27. Van Summeren (Bel-Sil), 0.57:28. Vanendert (Bel-Sil), 1.06; 29. Barredo (Spa-Qst); 30. Dekker (Ned-Sil), 1.29: 31. Fulsang (Den-Sax), 2.26; 32. Martens (Dui-Rab); 33. Leukemans (Bel-Vac); 34. C.A. Sorensen (Den-Sax); 35. Hesjedal (Can-Grm), 2,38; 36. Mazzanti (Ita-Nat), 2.45; 37. Van Hecke (Bel­-Tsv), 2.52; 38 Sastre (Spa-Ctt);, 2.56; 39. Gavazzi (Ita-Lam); 40. Gasparotto (Ita-Lam); 41. Van Den Broeck (Bel-Sil), 3.09; 42. Rebellin (Ita-Sda); 43. Rodriguez (Spa-Gce); 44. Hermans (Bet-Tsv), 4.30; 45. Muravyev (Kaz-Ast); 46. De La Fuente (Spa-Fuj); 47.Lowik (Ned-Vac); 48. Stangelj (Stn-Liq); 49. Verheyen (Bel-Lan); 50 Sprick-(Fra Bbo),

 

2009.04.22.WAALSE PIJL

Davide Rebbelin (37) won na een voor hem wat teleurstellende Amstel GoldRace voor de derde keer in zijn langeloopbaan de Waalse Pijl. De 38-jarige

1. Davide Rebellin (Ita-Sda), 4,42.15 (41,56 km/u); 2. A. Schleck (Lux-Sax), 0,02; 3. Cunego (Ita-Lam); 4. Sanchez (Spa-Eus), 0.07; 5. Evans (Aus-Sil); 6. Lovkvist (Zwe-Thr); 7. Valverde (Spa-Gce), 0.11; 8. Gerrans (Aus-Ctt); 9. Albasini (Zwl-Thr); 10. Nocentini (Ita-Alm). 0.15; 11. Lhotellerie (Fra-Vac), 0.18; 12. Lelay (Fra-Agr), 0.21; 13. Ivanov (Rus-Kat); 14 Hermans (Bel-Tsv); 15. C.A. Sorensen (Den-Sax); 16. Devenyns (Bel-Qst), 0.24; 17. De Waele (Bel-­Lan), 0.26; 18. Wegmann (Dui-Mrm); 19. Gasparotto (Ita-Lam); 20. Levarlet (Fra-Fdj); 21. Kolobnev (Rus­-Sax), 0,29; 22. Cataldo (Ita-Qst), 0.32; 23. Au­gustuyn (Zaf-Bar); 24. N. Sorensen (Den-Sax); 25. Hesjedal (Can-Grin), 0.36; 26. Carrara (Ita-Vac); 27. Igknsky (Kaz-Ast); 28. Scarponi (Ita-Sda), 0.39; 29. Rodriguez (Spa-Gee); 30. Fedrigo (Fra-Bbo); 31. Nibali (lta-Liq);32. Knees (Den-Mrm), 0.43; 33. Moinard (Fra-Cof); 34. Fromme (Zaf-Bar); 35. Gilbert (Bet-Sil), 0.48; 36. Lowik (Ned-Vac), 0.51; 37. Sprick (Fra-Bbo); 38. Vanendert (Bel-Sil); 0.54; 39. Botcharov (Rus-Kat); 40. Pinotti (Ita-Thr); 41. Hivert (Fra-Sks), 42. Lagutln (Oez-Vac), 0.57 43. Zubeldi (Spa-Ast), 1.03: 44. Monfort (Bel-Thr); 45. Le Mevel (Fra-Fdj), 1.07; 46. Casar (Fra-Fdj), 1.09; 47. Vaugrenard (Fra-Fdj), 1.12; 48. Van den Broeck (Bel-Sil)1.13; 49. De Greef (Bel-Sil); 50. Kroon (Ned-Sax);

 

2009.04.26.LUIK-BASTENAKEN-LUIK

Een zelden gezien machtsvertoon van het collectief. Zo mag de overwinning van Andy Schleck wel omschreven worden in de oudste der klassiekers, Luik-Bastenaken­l-Luik. Voorbereidend werk van ploegmaats Kroon, en Sorensen deden de jongste telg van de familie Schleck tot grote hoogte stijgen en een solo van 20 kilometer afwerken. „La Doyenne is mijn favoriete koers. De  druk was er na dat fantastische werk van de ploeg. Dat ik het heb kunnen afmaken was belangrijk voor mij. Ik wilde per se winnen", aldus Andy Schleck

En ineens was daar die verbluffende uit­haal. Niets ontziend nam Andy Schleck afstand van de groep met favorieten op de Roche aux Faucons en ging op jacht naarde op dat moment ontsnapte Philippe Gilbert. Alles zat erin. Klasse, elegantie en kracht. Duidelijk werd dat het jongere broertje van Frank deze middag definitief uit de schaduw van zijn broer stapte. De overwinning werd hem door iedereen gegund. De 23-jarige Luxemburger komt sympathiek over en is nooit te beroerd om te werken. Velen dachten dat de verwoes­tende demarrage van thuisrijder Philippe Gilbert op de Sprimont het begin was van een glorieuze raid naar Ans. Toch kon 'Phil', tot ontgoocheling van wielermin­nend Wallonie de ontketende renner van Saxo Bank niet volgen en werd naar eigen zeggen 'als een nieuweling' getost toen de twee bij elkaar kwamen. Daarmee kwam de tactiek van Saxo Bank tot een hoog­tepunt, want de hele dag was de Deense formatie van Bjarne Riis al bezig het pe­loton kapot te rijden. De jongste Schleck: „Ik ben zo blij dat ik heb kunnen winnen. Op de Roche aux Facons zag ik dat ik een voorsprong van honderd meter had en toen ben ik voluit doorgegaan tot het eind. Voor mij is Luik-Bastenaken-Luik de allermooi­ste klassieker die er is. Het is een droom die uitkomt."

Sterk blok

Na de streep vielen de gebroeders Schleck samen met ploegleider Bjarne Riis elkaar in de armen. Het was duidelijk dat Andy naarstig op zoek was naar die ene grote zege. Broer Frank zegevierde onder meer in de Amstel Gold Race en de klassieke Touraankomst op l’Alpe d'Huez. Nu was het de beurt aan Andy die het saaie koersver­loop op de valreep nog kleur gaf. “Het was een risico dat ik nam, toen ik demarreerde op de Roche aux Faucons. Maar ik wilde per se een aanval plaatsen na al dat harde werk van de ploeg." En dat was geen woord gelogen, want werken dat deden de man­nen van Saxo Bank. Hoe sterk deze ploeg in de breedte is werd in de Waalse Ardennen nog maar eens bevestigd. Doordat Jakob Fuglsang op diverse klimmetjes het tempo zo hoog legde werd de favorietengroep in rap tempo gereduceerd. Daarna namen Alexandr Kolobnev en Karsten Kroon het commando over, die probeerden weg te komen met een groepje. Hierdoor waren het steeds de favorieten Cunego en Val­verde die in de verdediging gedrukt werden

met hun ploegen. Net als in de Amstel Gold Race hebben zij nooit de regie van de wedstrijd in handen gehad en dus kwam er geen derde overwinning voor Valverde op de Rue Jean-Jaures. Andy Schleck pakte al snel anderhalve minuut voorsprong en de zege kwam nooit meer in gevaar voor de Luxemburger, die dolblij was na afloop. „Dit is veruit de grootste overwinning uit mijn carriere. Etappes in de Ronde van Saksen verbleken bij dit uiteraard. Ik heb er altijd van gedroomd om deze koers te winnen en als je dan ook nog solo aan kunt komen. C'est exceptionel!' Ook al was de voorsprong geruststellend, ik ben toch steeds heel geconcentreerd gebleven. Je kunt immers zomaar vallen of lek rijden. Ik was na mijn tweede plek in de Waalse Pijl teleurgesteld, maar toen was Rebellin gewoon te exptosief voor mij. 'Luik' is een andere en zwaardere koers, waardoor mijn kansen groter zijn dan op de Muur van Hoei. Ik ben een renner die het hele jaar wil koersen en winnen. Ik wil bijvoor­beeld in de toekomst ook kijken hoever ik kan komen in de Ronde van Vlaanderen. Parijs-Roubaix is voor mij een brug te ver, maar Vlaanderen zou ik volgend jaar of over twee jaar aan moeten kunnen. Ik ga nu eerst een feestje vieren."

Gesink in de aanval

Het oranjefront was wel behoortijk ma­gertjes in deze editie van 'Luik'. Vlak na de Redoute deed Robert Gesink de Neder­landse wielerliefhebber even smullen toen hij in een ruk naar de kopgroep toereed. Ineens zaten er twee Nederlanders in de kopgroep, want Kroon was ook al vooraan aanwezig. Maar een scenario zoals in de Amstel Gotd Race heeft er nooit echt in gezeten. Gesink verklaarde na afloop op de Redoute al te voelen dat er geen grote rol van betekenis was weggelegd voor hem en dat hij daarom maar anticipeerde. „Het was mijn dagje niet. Ik ben er weer achtergekomen dat Luik echt een hele zware koers is. Maar dat wist ik al wel. Ik heb veel pijn gehad vandaag. Maar ik zal niet de enige zijn geweest. Ik vond het absoluut zwaarder dan de Amstel. Als ik vandaag heel goed was geweest dan was ik wellicht vooraan mee geweest. Ik was niet sterk genoeg op La Redoute en het is dan verstandiger, als je wat wilt maken, om te proberen ergens een voorsprong te pakken. Ik probeer liever wat en dat het uiteindelijk niks wordt, dan dat ik alleen maar meefiets en uiteindelijk twintigste word ofzo. Ik was gewoon niet goed ge­noeg. Ik heb een heel goed voorjaar ge­had. Links en rechts heb ik wet wat pech gekend zoals in de Tirreno en de week voor Luik, maar mijn derde plek in de Amstel was natuurlijk fantastisch."

Beste Nederlander

Die andere Nedertandse belofte, Thomas Dekker, finishte in de eerste grote groep als zeventiende. Daar was de renner van Silence-Lotto zeker niet ontevreden over. „Het was een lange, moeilijke en zware dag. Zoals alle edities van Luik-Bastena­ken-Luik denk ik. Ik heb het vanaf de Haute Levee toch vrij lastig gehad. Ik had last van mijn maag maar ik ben altijd blijven rijden. Op zich is het toch best redelijk gegaan. Ik miste de absolute scherpte zoals vorig jaar. Maar het is een lange tijd geweest zonder koersen en een moeilijkvoorjaar. Ik ben blij dat ik het zo heb kunnen afsluiten en nu een weekje rust kan pakken. Je ziet dat alles hier in Luik vrij dicht bij elkaar ligt en dat weinigen er bovenuit steken. Ik denk dat we een hele goede ploeg voor dit werk hebben. Het is jammer dat Gilbert net niet op het podium eindigt, maar ik vind dat we toch een goede wedstrijd heb­ben gereden. Schleck was absoluut de sterkste. Voor mezelf ben ik blij dat alles weer is begonnen en dat ik me weer op het koersen kan concentreren. Ik weet dat ik kan fietsen dus de resultaten komen wel. Ik heb weer plezier in het fietsen. Het is wet jammer dat er den paar kleine dinge­tjes aan schelen. Zo valt de voeding soms wat verkeerd en krijg ik daardoor last van mijn maag. Ook zit ik nog niet helemaal lekker op mijn fiets. Ik heb natuurlijk zeven jaar op Colnago gereden dus het is best wel moeilijk om het nu precies af te stellen zoals het hoort. Maar daar kan aan gewerkt worden."

BRON: WILLEM SIKEMA

1. Andy Schleck (Lux-Sax) 261 km in 6.34.32; 2. Joaquim Rodriguez (Spa-Cai) 1.17; 3. Davide Rebetlin (Ita­-Ser) 1.24; 4. Philippe Gilbert (Bel-Sil); 5. Serguei Ivanov (Rus-Kat); 6. Simon Gerrans (Aus-Cer); 7. Damiano Cunego (lta-Lam); 8. Benoit Vaugrenard (Fra-Fdj); 9. Alexandr Kolobnev (Rus-Sax); 10. Samuel Sanchez (Spa-Eus); 11. Ryder Hesjesdat (Can-Gar); 12. Matteo Carrara (Ita-Vac); 13. Jerome Pineau (Fra-Qst); 14. Oscar Freire (Spa-Rab); 15. Rinaldo Nocentini (lta-Ag2); 16. Cadet Evans (Aus-Sil); 17. Thomas Dekker (Ned-Sil); 18. Remy Di Gregorio (Fra-Fdj); 19. Alejandro Valverde (Spa­Cai); 20. Vladimir Efimkim (Rus-Ag2); 21. David Le Lay (Fra-Agr); 22. Maxim Iglinsky (Kaz-Ast); 23. Frank Schteck (Lux-Sax); 24. Christophe Moreau (Fra-Agr); 25. Jelle Vanendert (BeL-Sil); 26. Nicki Sorensen (Den-Sax); 27. David Moncoutie (Fra-Cof); 28. Carlos Sastre (Spa-Cer); 29. Fabian Wegmann (Dui-Mil); 30. Luca Mazzanti (Ita-Kat) 35. Maxime Montfort (Bel-Col); 37. Karsten Kroon (Ned-Sax); 50. Robert Gesink (Ned-Rab) 2.54; 51. Johnny Hoogerland (Ned-Vac); 73. Addy Engels (Ned-Qst) 6.25; 95. Bram Tankink (Ned-Rab;

 

2009.08.01: Clasica San Sebastian (Spa)(PT)

De 29e Clasica San Sebastian is gewonnen door de Span­jaard Carlos Barredo (Quickstep), die Roman Kreuziger in een sprint a deux versloeg. De wedstrijd werd in slechte weersomstandigheden verreden en had daarom een ander koersverfoop dan verwacht. Wel was er de gebruikelijke vroege kopgroep, dit keer met 18 renners. Zij kregen bijna 6 minuten voorsprong, maar eenmaal bij de voet van de Jaizkibel, de ruim 8 kilometer lange scherprechter op 40 kilometer van het einde, hadden ze nog een minuutje over. Een aanval van Pineau (Quickstep) en Chris Anker Sorensen (Saxo Bank) werd beantwoord door Spilak (Lampre) en Millar (Garmin), maar in de gladde afdaling vlogen ze allemaal uit de bocht. Evgueni Petrov (Katyusha) ging erop en enover, maar ook de Rus (die al in de eerste kopgroep zat) werd vlak voor de Alto de Arkale, een helling van 3 kilometer lengte, weer opgeraapt. Daar waren het Pierrick Fedrigo (Bbox Bouygues), Carlos Barredo (Quickstep) en even later ook Roman Kreuziger (Liquigas), Kim Kirchen (Columbia) en Luis Leon Sanchez (Caisse d'Epargne) die de dienst uitmaakten. Sanchez en Barredo reden bij de anderen weg, maar op 3 kilometer van de streep sloten die weer aan. Filippo Pozzato (Katyusha) dook daar ineens in de spits op, maar net op dat moment besloot Kreuziger dat het tijd was voor een aanval. Barredo had nog wat over en haakte nog net zijn wagentje aan bij de Tsjech. In de sprint maakte de 28-jarige Spanjaard het makkelijk af. Hij boekte de mooiste overwinning in zijn carriere en de derde klassieke zege voor Quickstep in 2009. Zeven seconden later won Mickael Delage (Silence-Lotto) de sprint om de derde plaats. Sebastian Langeveld (Rabo) werd de beste Nederlander op de 12e plaats, terwijl zijn ploeg­maat Garate zijn middenhandsbeentje brak bij een valpartij.

Elite: 1. Carlos Barredo (Spa-Qst), 5.37.00; 2. Kreuziger (Tsj-Liq); 3. Delage (Fra-Sil), 0.07; 4. P. Velits (Svk-Mrm); 5. Hesjedal (Can-Grm); 6. Pozzato (ler-Kat); 7. Riblon (Fra-Alm); 8. Ivanov (Rus-Kat); 9. Perez (Spa-Eus);10. Pinotti (Ita-Thr);11. Vansummeren (Bel-Sil);12. Langeveld (Ned-Rab);13. Le Mevel (Fra-Fdj);14. Devenyns (Bel-Qst);15. Brajkovic (Slv­Ast);16.Kolobnev(Rus-Sax);17.Valverde(Spa-Gce);18.De La Fuente (Spa-Fuj);19, Fedrigo (Fra-Bbo); 20. L. Sanchez (Spa-Gce); 21. Nocentini (Ita-Alm); 22. Cunego (Ita-Lam); 23. Devolder (Bel-Qst); 24. Martinez (Spa-Eus); 25. Kirchen (Lux-Thr); 26. Zubeldia (Spa-Ast); 27. C.A. Sorensen (Den­Sax); 28. Spilak (Slv-Lam); 29. Pineau (Fra-Qst); 30. Goubert (Fra-Alm); 31. Tosatto (Ita-Qst); 32. Lloyd (Aus-Sil); 33. Chavanel (Fra-Qst); 34. Rodriguez (Spa-Gce); 35. Larsson (Zwe-Sax); 36. Karpets (Rus-Kat), 2.00; 37. Botcharov (Rus­Kat); 38. Magazzini (Ita-Lam), 2.19; 39. Marzano (Ita-Lam), 2.21; 40. Bandiera (Ita-Lam); 41. Millar (GBr-Grm), 3.09; 42. Sprick (Fra-Bbo), 3.18; 43. Kessiakoff (Zwe-Fuj); 44. Va­zquez (Spa-Mco); 45. Pate (USA-Grm); 46. Rohregger (Oos­Mrm), 4.52; 47. Petrov (Rus-Kat); 48. Cataldo (Ita-Qst); 49. Possoni (Ita-Thr), 5.49; 50. S. Sanchez (Spa-Eus)

 

2009.08.16: Vattenfall Cyclassics (Dui)(PT)

De 14e editie van de Vattenfall Cyclassics is na 216 kilometer in een massasprint gewonnen door Tyler Farrar. De in Gent woonachtige Amerikaan was in Hamburg sneller dan Matti Breschel (Saxo Bank) en Gerald Ciolek (Milram). Het was voor de renner van Garmin-Slipstream zijn eerste winst in een ProTour klassieker en zijn tiende in totaal. Farrar had deze Duitse wedstrijd direct na afloop van de Tour hoog op zijn verlanglijstje gezet. „Mijn ploegmaten hielden me voorbeel­dig van voren en toen wist ik dat ik mijn kans moest grijpen." De sprint was zowat het enige vermeldens-waardige feit in deze wedstrijd, die al vanaf kilometerpaal 2 van kleur werd voorzien door het dappere duo Sergio De Lis (Euskaltel) en Yuriy Krivstov (Ag2r). Zij reden een maximale bonus van 9 minuten bijeen en toen zij op ruim 40 kilometer van de meet tot de orde waren geroepen, brak een spervuur aan demar­rages los, die echter nooit ver droegen. Bij de tweede pas­sage van de Waseberg ging Matti Breschel er vandoor en een ronde later was het de beurt aan Philippe Gilbert. De Belg van Silence-Lotto kreeg gezelschap van zijn landgenoot Nick Nuyens (Rabobank), en samen sprokkelden zij 20 seconden bij elkaar. De voorlaatste keer dat de Waseberg werd geno­men, reed er een dertigtal renners -waaronder Van Aver­maet(Silence-Lotto) en Langeveld(Rabobank)-naarhet Belgische duo toe, maar door een gebrek aan verstandhou­ding smoorde dat initiatief in schoonheid. Ook een poging van onder meer Cancellara (Saxo), Bennati (Liquigas), Roche (Ag2r) en Reda (Quickstep) kreeg niet de zegen van het pelo­ton. Daarna probeerde Gilbert het nog een keer, maar ook met de steun van Roche, Bandiera (Lampre) en O'Grady (Saxo) wilde het niet lukken. In de sprint leek Columbia favoriet, maar Andre Greipel en Edvald Boasson Hagen kwamen er niet aan te pas. Breschel ging van ver aan, maar er stond in Hamburg geen maat op Tyler Farrar. Van Neder­landse zijde was Roy Curvers van Skil-Shimano de beste op de 17e plaats, een positie voor zijn ploegmaat Koen de Kort.

Elite: 1. Tyler Farrar (USA-Grm), 5.30.38; 2. Breschel (Den-Sax); 3. Ciolek (Dui-Mrm); 4. Davis (Aus-Qst); 5. Fernandez (Spa-Eus); 6. Vigano (Ita-Fuj); 7. Bennati (Ita-Liq); 8. Sabatini (Ita-Liq); 9. Bandiera (Ita-Lam); 10. Guarneri (Ita-Liq);11. Bonnet (Fra­Etc);12. Rojas (Spa-Gce);13. Mikhailov (Rus-Kat);14. Dietzi­ker (Zwi-Vbg);15. Brown (Aus-Rab);16. Cherel (Fro-Fdj);17. Curvers (Ned-Sks);18. De Kort (Ned-Sks);19. Gavazzi (Ita­Lam); 20. Usov (WRu-Cof); 21. Weissinger (Dui-Vbg); 22. Offredo (Fro-Fdj); 23. Musiol (Dui-Vbg); 24. Dion (Fro-Alm); 25. Boasson Hagen (Noo-Thr); 26. Vaitkus (Lit-Ast); 27. Eltink (Ned-Sks); 28. Guesdon (Fra-Fdj); 29. Mori (Ita-Lam); 30. Greipel (Dui-Thr); 31. Galdos (Spa-Eus); 32. Chainel (Fro-Bbo); 33. Roelandts (Bel-Sill); 34. Langeveld (Ned-Rab); 35. Spilak (Slv-Lam); 36. Iglinskiy (Kaz-Ast); 37. Hernandez (Spa-Eus); 38. Irizar (Spa-Eus); 39. Roche (ler-Alm); 40. Lastras (Spa­Gce); 41. Schar (Zwi-Ast); 42. O'Grady (Aus-Sax); 43. Ponzi (Ita-Lam); 44. Tjallingii (Ned-Rob); 45. Oroz (Spa-Eus); 46. Boonen (Bel-Qst); 47. Gutierrez (Spa-Gce); 48. Pasamontes (Spa-Gce); 49. Gilbert (Bel-Sil); 50. Da Dalto (Ita-Lam)

 

2009.10.l1.PARIJS – TOURS

De orkaan Gilbert

Philippe Gilbert was na afloop van Parijs-Tours niet eens verbaasd dat hij Tom Boonen in de sprint versloeg. „Na een zware race ben ik een van de snelste en win ik bijna altijd mijn sprints", zei hij na afloop van zijn tweede Parijs-Tours op rij zelfverzekerd. Maar Gilbert anno 2009 kan inderdaad alles. De 27-jarige Waal is een orkaan op wielen!

Toch zal het velen wel verbaasd hebben, waaronder ook Tom Boonen zelf. In de sprint a trois op de lange en brede Avenue de Gram­mont (die mogelijk voor het laatst het decor was van een spectaculair slot: volgend jaar moet er in het midden van de weg een tram­baan liggen) in Tours koos de Belgische kam­pioen het wiel van Borut Bozic. De snelle Sloveen van Vacansoleil verraste Boonen door te weigeren achter de op links sprinten­de Gilbert aan te gaan.Toen Boonen zijn ver­gissing inzag, moest hij een enorm gat met Gilbert dichten en daardoor kwam hij uitein­delijk te laat bij de streep. Boonen: “Ik dacht dat Bozic Gilbert wel zou volgen, maar hij hield de benen stil." De winnaar van Parijs­ Roubaix kon gelijk na de finish geen waarde­ring opbrengen voor de actie van de Sloveen, maar gebruikte het niet als excuus. „Hij reed me ook nog bijna overhoop, te belachelijk voor woorden! In een spurt met drie houdt de tweede man zijn benen niet stil. Nou, van­daag dus wel... Laat er geen misverstand over bestaan: Philippe wint hier verdiend. Maar ik had dit natuurlijk niet uit hadden mo­gen geven." Boonen verrekende zich ook in de frisheid van Bozic, die allang blij was dat hij in de hectische finale van de Franse herfst­klassieker zijn wagentje had kunnen aanha­ken bij de twee Belgische tenoren. „Ik zat gewoon steendood na die laatste kilometers. Ik had gewoon niks meer over voor de sprint. Het was echt niet mijn bedoeling om Boonen te flikken, ik kon gewoon niet beter", aldus Bozic, die na een prima seizoen met ritzeges in wedstrijden als de Ronde van Belgie en de Ronde van Polen zijn ploeg Vacansoleil in Tours de eerste podiumplaats in een grote klassieker schonk. Met zijn vroege jump over links had Gilbert zijn vluchtmakkers al snel schaakmat gezet. Hij zei na afloop dat hij met opzet zo vroeg aan was gegaan in de sprint. „We hadden de wind mee in de laatste kilo­meters. Daarom had ik een heel zwaar verzet gekozen en kon ik vroeg aangaan op de grote molen. Ik spurtte weg op 300 meter van de streep en reed meteen naar links zodat Boo­nen en Bozic mij niet in mijn wiel konden volgen. Toen ik me omdraaide, lag ik al ver voor. Ja, dit is heel mooi."

LANGEVLUCHT

Zoals zo vaak in Parijs-Tours werd de koers gebrandmerkt door een lange vlucht. Tien man ontsnapten vlak na het startschot in de nieuwe startplaats Chartres al uit het peloton. Hierbij zaten ook de Nederlanders Tom Veel­ers (Skil) en Aart Vierhouten, die in het shirt van Vacansoleil zijn laatste grote wegwed­strijd in zijn lange carriere reed om die in grootse stijl af te sluiten. Ook Rabo-renner Matthew Hayman (die zijn laatste koers voor Rabobank reed: hij vertrekt naar Team Sky) was van de partij. Onder aanvoering van Si­lence-Lotto en QuickStep slonk het gat naar­mate de streep op de Avenue de Grammont dichterbij kwam. Op 11 kilometer van Tours deed Veelers nog een eenzame wanhoopspo­ging om Tours in winnende positie te berei­ken, maar op de Cote du Pont Volant viel ook het doek voor deze laatste vluchter. De kop­groep, die in de laatste kilometers ontstond, kwam tot stand onder impuls van Silence­-Lotto. Philippe Gilbert en zijn luitenant Greg Van Avermaet sloegen een gaatje, terwijl Boonen het gevaar zag en met hen mee ging. Even later sloot ook Bozic zich nog bij het trio aan, terwijl Filippo Pozzato ook probeercle om aansluiting te krijgen. Maar het tempo voorin was te hoog en toen Gilbert nog een keer aanging, moest ook Van Avermaet eraf. Het vonnis bleek geveld, de drie overgebleven renners moesten het onder elkaar uitmaken. In de sprint bewees de Waal, die hier vorig jaar al had gewonnen in het shirt van La Fran­gaise des Jeux, nog maar eens dat hij dit na­jaar over de beste benen beschikte in het vermoeide peloton. In het door een val nog sterk uitgedunde peloton won de Italiaanse kampioen Filippo Pozzato (Katusha) de sprint om de vierde plaats voor Oscar Freire (Rabo­bank). Gerben Lowik (die na afloop een con­tract tekende met Silence-Lotto, de ploeg van de winnaar) werd met zijn zevende plaats de beste van de 18 aangekomen Nederlanders. Zijn ploegmaat Hoogerland werd 13e, waar­door Vacansoleil in Tours maar liefst drie ren­ners bij de top13 wist te plaatsen.

BIZARRE BEELDEN

Dat Philippe Gilbert zijn topvorm pas in het najaar etaleert, is overigens niet voor het eerst. Al in 2005 kwam de Belg heel dicht bij de overwinning in Parijs-Tours. Hat enige probleem was dat Gilbert en Devolder toen niet samen wilden werken, wat tamelijk bi­zarre beelden opleverde. Hierdoor werd het duo pas in de laatste kilometer ingelopen door de achter hen op hol geslagen meute, die door hun rare gedrag bloed rook. In 2007 werd Gilbert samen met Filippo Pozzato en Karsten Kroon op slechts 800 meter van de finish door het aanstormende peloton inge­haald, maar vorig jaar was het dan eindelijk raak. Maar ook toen was het nipt, want in een verrassend kopgroepje bleef hij het jagende peloton maar vier luttele seconden voor. In de sprint versloeg Gilbert zijn landgenoot Jan Kuyckx (destijds bij Landbouwkrediet, maar dit jaar zonder contract) en de Fransen Sebas­tien Turgot en Nicolas Vogondy. Door zijn zege is hij nu nog slechts een over- winning verwijderd van het wedstrijdrecord, dat in handen is van onder meer Erik Zabel, die drie keer in Tours wist te winnen. In het voorjaar kwam Gilbert op de grote afspraken tot nog toe telkens net te kort. In Vlaanderen pres­teercle hij dit jaar wel volgens verwachting en scoorde hij zelfs een podiumplek: derde. Gil­bert bewijst daarmee een complete renner te zijn, die zowel in de Waalse als de Vlaamse klassiekers om de bloemen mee kan doen.

Bovendien houdt hij ervan om het hele jaar door te koersen. Parijs-Roubaix ligt hem nog niet zo erg, maar in de Amstel Gold Race kun je hem altijd vooraan terug vinden. Dit jaar was hij op de Cauberg de beste van de ach­tervolgers, waar hij zich tevreden moest stel­len met de vierde plek. Luik-Bastenaken-Luik stond dit voorjaar ook hoog op zijn lijstje fa­voriete koersen en even leek hij zelfs in Ans op de overwinning af te stevenen. Andy Schleck bleek echter te sterk en Gilbert werd alweer vierde. Enkele weken later won hij in de Giro in Anagni een etappe door solo aan te komen. Na een rustperiode in de zomer reed hij in september de Vuelta als voorbereiding op het WK in Mendrisio. In Zwitserland zat hij bij de voorsten, maar Gilbert ging in de finale natuurlijk niet achter zijn teamgenoot Cadel Evans aan. Hij werd nog wel zesde. Vooraf­gaand aan Parijs-Tours won hij daarna de Coppa Sabatini in Italie en daarna de Giro dal Piemonte en natuurlijk de kers op de taart: de Ronde van Lombardije. Philippe Gilbert droeg eerder nog wel eens het stempel van een goede coureur, die echter weinig wedstrijden won. Maar in 2009 heeft hij definitief met dat imago afgerekend. Zijn overwinningen ko­men zeker niet uit de lucht vallen en op 27-­jarige leeftijd is hij er in geslaagd om elk as­pect van zijn koersstijl te verbeteren. Zijn de­marrages zijn splijtender, zijn sprint is dode­lijker en zelfs zijn tijdritten zijn er op vooruit gegaan. Het belooft allemaal veel voor het wielerjaar 2010! BRON: JESPER ABBINK

1. Philippe Gilbert (Bel-Sil), 5.12.23; 2. Boonen (Bel-Qst); 3. Bozic (Slv-Vac), 0.02; 4. Pozzato (Ita-Kat), 0.76; 5. Freire (Spa-Rab); 6. Gavazzi (Ita-Lam); 7. Lowik (Ned-Vac); 8. Lastras (Spa-Gce); 9. Reimer (Dui-Ctt); 10. Hutarovich (WRu-Fdj); 11. Hivert (Fra-Sks); 12. Gerard (Fra-Fdj); 13. Hoogerland (Ned-Vac); 14. Van Avermaet (Bel-Sil); 15. Ivanov (Rus-Kat); 16. Bonnet (Fra-Bbo); 17. Napoli­tano (Ita-Kat), 0.24; 18. Nuyens (Bel-Rab); 19. Ballan (Ita­Lam); 20. Sanchez (Spa-Eus), 0.28; 21. Guesdon (Fra-Fdj), 0.50; 22. Usov (WRu-Cof), 1.00; 23. Drujon (Fra-Gce); 24. Casper (Fra-Bcs); 25. Van Emden (Ned-Rab); 26. R. Feillu (Fra-Agr); 27 Langeveld (Ned-Rab); 28. Dion (Fra-­Alm); 29. Duclos-Lassalle (Fra-Cof); 30. Arvesen (Fra­Sax), 1.00; 31. Curvers (Ned-Sks); 32. Lorenzetto (Ita-­Lam); 33. Bonsergent (Fra-Bsc); 34. Aramendia (Spa­-Eus); 35. Hammond (GBr-Ctt); 36. Chavanel (Fra-Qst); 37 Gallopin (Fra-Aub); 38. Pichot (Fra-Bbo); 39. Vachon (Fra-Rlm); 40. Veelers (Ned-Sks); 41. Da Dalto (Ita-Lam); 42. Mondory (Fra-Alm); 43. Lloyd (GBr-Ctt); 44. Eisel (Oos-Thr); 45. Claude (Fra-Bbo); 46. Farrar (USA-Grm); 47. De Kort (Ned-Sks); 48. Ponzi (Ita-Lam); 49. Wagner (Dui-Sks); 50. Maaskant (Ned-Grm); 65. Tiallingii (Ned­-Rab), 1.14; 67 De Jongh (Ned-Qst); 74. Terpstra (Ned­Mrm), 2.57; 78. Vierhouten (Ned-Vac), 2.59; 81. Knaven (Ned-Mrm); 102. Stamsnijder (Ned-Rab); 104. Timmer (Ned-Sks); 112. Mouris (Ned-Vac); 128. Bellemakers (Ned-Lan), 5.01; 133. Westra (Ned-Vac), 6.26

 

2009.10.17.RONDE VAN LOMBARDIJE

Grand Slam voor Phil

Philippe Gilbert verkeerde zaterdag 17 oktober in de zevende hemel. Niet alleen won hij in Como zijn vierde grote wedstrijd op rij, maar's avonds werd hij in Mechelen ook nog eens door zijn Belgische college-wielrenners bekroond met de Nieuwsblad-Flandrien, de trofee voor de beste Belgische wielrenner van het jaar.

Een paar uur eerder was Philippe Gilbert in Como winnaar geworden van de 103e editie van de Ronde van Lombardije. De 27-jarige renner van Silence-Lotto, die voorafgaand aan de Italiaanse herfstklassieker ook al win­naar was van Parijs-Tours, de Coppa Sabatini en de Ronde van Piemonte, ontbond op im­posante wijze zijn duivels op de laatste hel­ling, de San Fermo della Battaglia. De Waal had daarbij de mazzel dat alleen Samuel San­chez (Euskaltel) zijn spoor wist te volgen. Met de meesterdaler van het peloton in zijn gezel­schap kon de rest het natuurlijk schudden in de gevaarlijke afdaling richting Como. In een sprint-a-deux maakte Gilbert het vervolgens koelbloedig af op de Lungo Lario Trento. Alexander Kolobnev (Saxo Bank) eindigde op enige afstand als derde door de sprint te win­nen van een selecte groep achtervolgers, waarbij zich ook Johnny Hoogerland van Va­cansoleil (vijfde) en Robert Gesink van Rabo­bank (zesde) bevonden en waarmee de beste Nederlandse coureurs van het afgelopen jaar hun seizoen op passende wijze van een fraai slot voorzagen.

VALLENDE BLADEREN

Met de Giro di Lombardia kwam er op traditi­onele wijze een eind aan een lang seizoen. De Italiaanse 'Koers van de Vallende Bladeren' ging 's ochtends van start in Varese en finishte na een zeer heuvelachtig parcours in Como, nadat in de finale de Civiglio en de San Fermo della Battaglia als laatste hindernissen door de renners waren verteerd. De eerste echte ontsnapping kwam op gang na ruim 40 kilo­meter, toen vier renners op weg gingen voor de al even traditionele vroege vlucht. Naast Marco Velo (QuickStep), Serguei Klimov (Ka­tusha) en Nicolas Roche (Ag2r) tekende ook onze landgenoot Reinier Honig present. De kleine klimmer van Vacansoleil (die door zijn goede rijden in met name een aantal Italiaan­se koersen een contract voor 2010 bij Acqua & Sapone afdwong) gaf daarmee het signaal dat zijn ploeg niet voor niks naar Lombardije was afgereisd. Kopman Johnny Hoogerland had zich de dagen voorafgaand aan de laatste klassieker van het jaar vanuit zijn hotel in Va­lenza, in de Po-vlakte, terdege voorbereid op de taaie rit rond het Lago di Como en zou in de finale dan ook een rol van betekenis spe­len. Het kwartet kreeg een vrijgeleide van het peloton en veroverde een voorsprong van meer dan zeven minuten. Nicolas Roche bleef als laatste van de vroege vluchters in de spits over en de lerse kampioen kreeg gezelschap van Johnny Hoogerland, die door Honig met zijn laatste krachten naar voren gepiloteerd werd. Op de Madonna del Ghisallo werd de finale ingeluid. Op die mythische bult met het befaamde rennerskerkje liet Johnny Hooger­land de Ier achter om afgescheiden als eerste boven te komen: een nieuwe mijlpaal in de nog maar prille profcarriere van de Zeeuw. Natuurlijk was het nog te ver naar Como en dus was Hoogerland blij dat hij even later ge­zelschap kreeg van zijn ploegmaat Matteo Carrara, die Cunego's waakhond Mauro Santambrogio (Lampre) en de Belg Dries De­venyns met zich meetrok, terwijl even later ook de Zweedse tempobeul Gustav Erik Lars­son (Saxo Bank) zijn wagentje nog bij dat van de koplopers aanhaakte. Het kwintet kreeg nooit meer dan driekwart minuut van het uit­gedunde peloton, waar met name Rabobank (met Mollema, Boom, Martens, Niermann en Langeveld op de voorposten) en Silence-Lotto het tempo bepaalden.Terwijl de marge voort­durend order druk stond, gaf Hoogerland er op de Civiglio nog eens een flinke veeg op en alleen Larsson en Santambrogio konden hem volgen. Helaas gleed de tot dan toe ijzersterk voor Gesink koersende Mollema (hij lijkt weer helemaal hersteld na zijn ziekte van Pfeiffer) in de eerste bocht van de klim onderuit, waar­door Gesink in de beslissende fase van zijn beste helper beroofd werd. In de afdaling naar Como was de aansluiting van de groep favorieten met de koplopers echter een feit. En op weg naar de laatste helling, de San Fermo della Battaglia, was het de oude vos Vinokourov die de favorieten nog een loer probeerde te draaien. De Kazak kreeg de jon­ge Deen Jakob Fuglsang mee, maar zij slaag­den er niet in om voor de San Fermo genoeg marge op te bouwen.

IMPOSANTE JUMP

Robert Gesink en Damiano Cunego, de win­naar van de laatste twee edities, zetten op de San Fermo hun turbo aan, maar zij bleken minder sterk dan zij zelf gehoopt hadden. Voor Philippe Gilbert, die in wereldkampioen Cadel Evans een luxe knecht had (op de Civiglio had hij zelfs een gemeen plaagstootje uitgedeeld), was dat het sein om zijn duivels te ontbinden. De kopman van Silence-Lotto, die zich na de trits Sabatini/Piemonte/Tours onkwetsbaar waande, trok in een lange en bijzonder impo­sante jump door naar de top van de San Fer­mo, wear hij alleen nog Samuel Sanchez ach­ter zich zag rijden. Gilbert liet de Olympische kampioen terugkomen, om vervolgens samen met hem de diepte in te sturen. Met nog slechts 6 kilometer te gaan had het duo na­tuurlijk gewonnen spel. Gilbert was eenmaal beneden zo zelfverzekerd, dat hij zich gerust de kop liet opdringen door de Spanjaard. Hij ging ook zelf de spurt aan en hoewel hij nog een tweede keer moest aanzetten om de sterk aandringende Sanchez definitief terug te wij­zen, was de winst niet meer den logisch. En­kele tellen later veroverde de onvermijdelijke Alexander Kolobnev (Saxo Bank) de laagste stek op het podium in Como. “Dit is de mooi­ste zege uit mijn loopbaan. Ik was niet echt zeker van mijn zaak tegen de snelle Sanchez, maar ik ben heel blij dat ik het heb kunnen af­maken", aldus de Waal, die 's avonds in Me­chelen als kers op de taart door zijn college's werd uitgeroepen tot de Belgische wielrenner van hat jaar. Een week na zijn tweede winst op rij in Parijs-Tours schreef Gilbert historie door zich als eerste Belg op de erelijst van de Ronde

van Lombardije te laten zetten sinds de zege van Fons de Wolf in 1980. Daarmee toonde Gilbert nog maar eens aan dat hij absoluut de sterkste renner van dit najaar was. “Ik was vandaag opnieuw heel erg goed", zei de 27­jarige Waal na de glorieuze afloop. “Momen­teel ken ik alles: ik vlieg als de weg omhoog gaat en ook in de sprint lijk ik wel onklopbaar. Hoewel ik op mijn snelheid kon rekenen, wilde ik vandaag toch meer. Daarom ging ik aan op de San Fermo en op de top zag ik alleen nog Sanchez komen. We hadden niet veel woorden nodig om elkaar te begrijpen en we zijn er gelijk voor gegaan. lk wist heus wel dat hij in mijn wiel zou gaan zitten in de laatste kilome­ter, maar ik voelde me zo sterk dat ik geen schrik had voor hem. Op 200 meter van de streep ben ik de sprint aangegaan en ik merkte al snel dat hij er niet over kon komen. Hij zette nog wel even aan toen ik al feest begon te vieren, maar het was te laat voor hem. Ja, ik ben er trots op dat ik na 29 jaar nu de opvolger ben van Fons de Wolf. Toen hij won, was ik nog niet eens geboren! En De Wolf won een jaar daarna gelijk ook Milaan-Sanremo. Dat is nu ook mijn doel voor volgend jaar. Die klassieker wil ik zo graag winnen!"

LANG SEIZOEN

In de Ronde van Lombardije kwam er ook een einde aan het lange seizoen van Johnny Hoo­gerland, dat zowel voor hem als voor de vol­gers van de wielersport veel aangename verrassingen in petto had. De 26-jarige Zeeuw, die vorig jaar nog winnaar was van - pak hem beet - de Ronde van Nispen en nu 12e in de Ronde van Spanje en smaakmaker in de klassiekers, reed zich in een van de zwaarste eendagswedstrijden op de kalender opnieuw in de kijker. In Como eindigde hij als 5e, net een plaatsje beter den Robert Gesink, die tot voor kort de enige Nederlandse hoop in bange wielerdagen heette te zijn. Hooger­land spaarde traditiegetrouw zijn krachten niet. Hij luidde op de Ghisallo de finale in en reed lang mee in de ontsnapping met vijf, nadat hij trots als eerste boven op de legen­darische Madonna dal Ghisallo was gearri­veerd. Maar ook daarna was hij nooit ver uit de buurt van de favorieten. „Het was mijn bedoeling was om een groepje tot stand te brengen na de Ghisallo en daarmee serieus te stunten", zei Hoogerland in de Telegraaf. „Ik verlies uiteindelijk wel een derde plaats, maar ik ben toch supertevreden", aldus de renner van Vacansoleil, die tijdens de koers een hommage bracht aan zijn overleden vriend Frank Vandenbroucke. Hoogerland droeg onder zijn Vacansoleil shirt een wit t­shirt, waarop hij 'Per Te VDB' (Voor jou VDB) had geschreven. Ook Robert Gesink kon wel leven met zijn 6e plek. „Gilbert wint hier ge­woon dik verdiend", zei hij achteraf. Over zijn eigen prestatie was hij realistisch. “Ze gingen op dat slotklimmetje gewoon te hard. Aan het begin van een klim zit ik altijd helemaal in mijn max en vervolgens kom ik dan wat ver­der wel redelijk in mijn ritme. Maar dat hele explosieve, dat korte, dat is nog te lastig voor mij. Op die laatste klim heb ik lang mijn eigen tempo kunnen rijden en dat ging best lekker tot Gilbert en Sanchez versnelden.Toen kon ik gewoon niet mee. Of ik daarom teleurgesteld ben? Nee, want ik weet wat ik kan en wat niet. Ik had gehoopt op San Fermo een gaatje te kunnen slaan en ik heb dat echt nog wel even geprobeerd. Maar toen Gilbert en Sanchez hun turbo aanzetten moest ik passen, net als Cunego. Ik wilde nog wel per se meesprinten in Como. Om de hele dag met de ploeg alles te geven en dan roemloos achteraan in de groep te eindigen, dat zag ik niet zitten. Zo'n 6e plaats oogt wel beter", aldus Gesink op Rabosport. Het levercle de Achterhoeker op het eind van de dag nog wel een plaatsje op in de top-10 in de eindrangschikking van de UCI World Ranking. En dat was toch ook nog even leuk mooi meegenomen!BRON: EVERT DE ROOIJ

1. Philippe Gilbert (Bel-Sil), 5.43.45; 2. Sanchez (Spa­-Eus); 3. Kolobnev (Rus-Sax), 0.07, 4. Paolini (Ita-Asa), 0.08; 5. Hoogerland (Ned-Vac); 6. Gesink (Ned-Rab); 7 Vinokourov (Kaz-Ast); 8. Martin (ler-Grm); 9. Cobo (Spa­Fuj); 10. Evans (Aus-Sill; 11. Bertagnolli (Ita-Sda); 12. Horner (USA-Ast); 13. Basso (Ita-Liq); 14. Cunego (Ita­Lam); 15. F. Masciarelli (Ita-Asa), 0.10; 16. Fuglsang (Den-Sax), 0.15; 17 Santambrogio (Ita-Lam), 0.44; 18. Devenyns (Bel-Qst), 0.46; 19. Zaugg (Zwi-Liq); 20. Valja­vec (Slv-Alm), 21. Uran (Col-Gce); 22. Brajkovic (Slv-­Ast); 23. C.A. Sorensen (Den-Sax); 24. Fernandez (Spa-­Fuj), 0.58; 25. Cataldo (lta-Qst), 1.15; 26. Costa (Por-Gce); 27 Carrara (Ita-Vac), 1.33; 28. Barredo (Spa-Qst); 29. Ballan (Ita-Lam); 30. Pujol (Spa-Ctt), 1.55; 31. Botcharov (Rus-Kat), 2.01; 32. Wegmann (Dui-Mrm); 33. Mazzanti (lta-Kat); 34. Kirchen (Lux-Thr); 35. Lastras (Spa-Gce); 36. Monfort (Bel-Thr); 37 Larsson (Zwe-Sax); 38. Kiry­ienka (WRu-Gce), 2.08; 39. Lloyd (Aus-Sil); 40 Deignan (ler-Ctt), 2.28; 41. De la Fuente (Spa-Fuj), 2.34; 42. Mar­tens (Dui-Rab); 43. Lagutin (Oez-Vac), 2.53; 44. V. Efimkin (Rus-Alm); 45. Sijmens (Bel-Cof); 46. Lewis (USA-Thr); 47 Bakelants (Bel-Tsv); 48. Cherel (Fra-Fdj); 49. Marzoli (Ita-Asa); 50. Schwab (Zwi-Qst); Nederlanders: 70. Mollema (Rab), 3.09; 92. Westra (Vac), 8.00; 101. Lowik (Vac), 11.18; 102. Boom (Rab); 107. Honig (Vac); 116. Duyn (Grm), 16.17; 120. Poels (Vac), 17.20